|
6de 'De Haere Slotgrachtconcert' op zaterdag 25 augustus 2007
Volwassenen betalen €19,50 en kinderen (tot en met twaalf jaar onder begeleiding van ouders) hebben gratis toegang.
Het Slotgrachtconcert bij kasteel De Haere, ieder jaar goed voor enkele duizenden bezoekers, is na haar 1ste jubileumviering van vorig jaar toe aan het 6de buitenconcert met een prachtig programma.
Het laatste weekend van augustus vormt Havezate De Haere, rustiek gelegen tussen Deventer en Olst, wederom het decor voor een bijzonder openluchtconcert. Op zaterdag 25 augustus is het landgoed open vanaf 17.30 uur en kan het publiek in het weiland tegenover het kasteel, zich met eigen stoeltjes een plek verwerven. Vele honderden bezoekers hebben er een gewoonte van gemaakt voorafgaand aan het concert op De Haere te picknicken, om zo ook al van het inspelen te kunnen genieten.
Het concert begint om 20.30 uur. Ook dit jaar speelt het Residentie Orkest weer.
Tegen de achtergrond van het fraai gerestaureerde landhuis brengt het Orkest een zeer aansprekend programma. Voor de pauze zullen de Ouverture van Mendelssohn "Mehresstille und glückliche Fahrt" en Dvorak's "Celloconcert in b, opus 104" door de jonge, uitzonderlijk getalenteerde Argentijnse celliste Sol Gabetta ten gehore worden gebracht.

Zij won onder meer de Natalia Gutman-prijs in het Tsjaikovski-concours te Moskou en kreeg in 2004 de prestigieuze Credit Suisse Young Artist Award, waardoor ze onder meer kon concerteren met de Wiener Philharmoniker onder leiding van Gergiev. Ze studeerde achtereenvolgens in Madrid (Escuela Superior de Musica Reina Sofia), Basel (bij Ivan Monighetti) en in Berlijn (bij David Geringas) en participeerde meermaals aan Gidon Kremers festival Les Muséiques te Basel. Sol Gabetta bespeelt een zeer zeldzame en kostbare cello van G.B. Guadagnini gebouwd in 1759, ter beschikking gesteld door Hans K. Rahn. Hierbij zal het Residentie Orkest haar begeleiden.
Na de pauze zal de prachtige "4de Symphonie in f, op. 36" van Tsjaikovski te beluisteren zijn.
Het internationaal vermaarde Residentie Orkest staat bij dit 6de De Haere Slotgrachtconcert o.l.v. de zeer getalenteerde Duitse dirigent Jonas Alber (geb. 1969 te Offenburg, Duitsland). Als dirigent zet hij graag de traditie voort om in deze niet alledaagse omgeving een breed publiek een fantastische avond te bezorgen. Vanaf het bordes zal het orkest haar muzikale talenten uitstrooien over de natuurrijke uiterwaarden van de IJssel. Met of zonder stoel zullen de concertgangers al zittend in het gras volop kunnen genieten van een geweldig drieluik: cultuur, natuur en klassieke muziek. Iedere muziekliefhebber met oog voor cultureel erfgoed en landschappelijk schoon mag deze gelegenheid dan ook niet aan zich voorbij laten gaan.
Het Slotgrachtconcert is 6 jaar geleden op initiatief van Arthur en Alexandra Van Dedem, de bewoners van Havezate De Haere, tot stand gekomen. Inmiddels voorziet het Slotgrachtconcert in een grote behoefte en is het onder de bezielende leiding van Arthur en Alexandra van Dedem uitgegroeid tot een traditie, waar velen lang tevoren reikhalzend naar uitkijken: een jaarlijks terugkerend buitenconcert in een ongedwongen sfeer op een toplocatie én toegankelijk voor een breed publiek. Op zaterdag 25 augustus zal het monumentale huis, de landelijke omgeving en de symfonische klanken van het orkest weer perfect met elkaar in harmonie zijn.
Dankzij de medewerking van vele sponsoren, de provincie en de Gemeente Olst/Wijhe is de organisatie erin geslaagd de toegangsprijs laag te houden. Vanwege de verwachte toeloop gaat de kaartverkoop al in de 2de week van juni van start. Volwassenen betalen €19,50 en kinderen (tot en met twaalf jaar onder begeleiding van ouders) hebben gratis toegang. Bij de prijs is ook het parkeergeld inbegrepen. Voor fietsers is er een stalling aanwezig. Zowel vanuit de richting Deventer, Olst als Zwolle is via een adequate bewegwijzering het Landgoed De Haere te bereiken (open vanaf 17.30 uur). Vanaf de parkeerplaats loopt u met uw plaid en/of klapstoel naar de weide rond de slotgracht, waar u zelf een plaats kunt zoeken. Een picknickmand kunt u zelf meenemen, bijvoorbeeld om in deze bijzondere ambiance van een avondpicknick te genieten. Maar ook ter plekke zal er voorafgaand aan het concert en in de pauze gelegenheid zijn een drankje te kopen.
Het concert begint om 20.30 uur en loopt naar verwachting tegen 22.00/22.30 uur ten einde.
(Glaswerk niet toegestaan . Alleen plastic glazen en plastic flessen toegestaan! Onder de 16 jaar geen verkoop van alcohol.).
Het programma
Residentie Orkest
Jonas Alber, dirigent
Sol Gabetta, cello
Voor de pauze:
| Felix Mendelssohn-Bartholdy: |
'Ouverture 'Meeresstille und glückliche Fahrt' |
| Antonin Dvorák: |
'Celloconcert in b, opus 104' door Sol Gabetta uitgevoerd |
Na de pauze:
| Pjotr Tsjaikovski: |
'Vierde Symphonie in f, op. 36' |
Inleiding
Het is al weer de 3de keer dat het Residentie Orkest te gast is op kasteel De Haere. Het klapstuk tijdens het 1ste optreden van het Residentie Orkest was een uitvoering van delen uit Tsjaikovski's balletmuziek "Het Zwanenmeer" met dansers van Het Nationale Ballet. Al met al een daverend succes, dat door de royaal toegestroomde schare toehoorders op een warm applaus werd onthaald.
Deze zomer komt het Residentie Orkest weer met een bijzonder programma en de zeer getalenteerde soliste, de Argentijnse celliste Sol Gabetta. Dit jaar is er weer een compositie van Tsjaikovski in het programma opgenomen; de prachtige "4de Symphonie in f, op. 36".
Componisten
Het concert wordt geopend met "Ouverture Meeresstille und Glückliche Fahrt" van de Duitse componist Felix Mendelssohn-Bartholdy (Hamburg 1809-1847 Leipzig).
Meeresstille und glückliche Fahrt op.27 is een Concert-Ouverture van Felix Mendelssohn-Bartholdy. Het is gebaseerd op de gedichten Meeresstille und Glückliche Fahrt van Johann Wolfgang von Goethe. Mendelssohn dirigeerde eerst de oeruitvoering op 1 december 1832 in de Berliner Singakademie, voordat hij het werk bewerkte. In 1835 werd het samen met Die Hebriden en Ein Sommernachtstraum gedrukt.
De beide gedichten van Goethe dienden ook voor Ludwig van Beethoven als basis voor zijn cantates Meeresstille und glückliche Fahrt.

Felix Mendelssohn-Bartholdy was een Duits componist van Romantische pianomuziek en grote symfonische werken. Leipzig, de stad waar hij overleed, was een belangrijke muziekstad in Saksen.
Mendelssohn-Bartholdy richtte in 1835 een conservatorium op en kon gerenommeerde leraren aan het instituut verbinden, onder andere de Thomaskantor Moritz Hauptmann
(1792-1868), de organist Carl Ferdinand Becker (1804-1977), de concertmeester van het Gewandhausorkest Ferdinand David (1810-1873), de pianist Ignaz Moscheles (1794-1870) en voor korte tijd ook de componist Robert Schumann (1810-1856). In 1842 werd Mendelssohn als een der eersten opgenomen in de exclusieve Orde "Pour le Mérite".
Hij maakte vele reizen, onder andere naar Parijs en Italië. In Rome trok hij op met Hector Berlioz, die daar verbleef als winnaar van de Prix de Rome.
Tijdens een bezoek aan Frankfurt ontmoette hij Cécile Jeanrenaud, een nakomeling van een Franse Hugenotenfamilie, met wie hij op 28
maart 1837 in het huwelijk trad. Ze hadden samen 5 kinderen. In september van hetzelfde jaar dirigeerde hij zijn oratorium Paulus op het Birmingham
Festival.
Mendelssohns twee oratoria Paulus en Elias waren beïnvloed door de muziek van Johann Sebastian Bach, die in vergetelheid was geraakt en die Mendelssohn weer onder de aandacht van het publiek heeft gebracht. In 1839 gaf Mendelssohn met groot succes een uitvoering van de Matthäus Passion, de eerste uitvoering van dit werk sinds het overlijden van Bach.
Hij vertrok in 1841 naar Berlijn, waar hij benoemd was tot directeur van de muziekafdeling van de kunstacademie. Hier componeerde hij toneelmuziek voor stukken in het Grieks, Engels en Frans.
Eind 1842 keerde hij naar Leipzig terug. Hij gaf les in piano en compositie. Hij had echter een slechte gezondheid en zijn bezoek aan het Birmingham Festival op 26 augustus 1846 was zijn op één na laatste bezoek aan Engeland. Na zijn laatste bezoek aan dat land in de lente van 1847 was hij erg gedeprimeerd door het overlijden van zijn zuster Fanny Hensel.
Hij ging naar Zwitserland, maar was te ziek om te werken en keerde weer terug naar Leipzig in september 1847 waar hij, op 4 november, slechts achtendertig jaar oud, zwaar overwerkt en geheel uitgeput, na een reeks hartaanvallen overleed.
De Nationaalsocialisten verboden Mendelssohn's werk, dat zij als "Joods" en daarom afkeurenswaardig, beschouwden.
Vervolgens zal Sol Gabetta het "Celloconcert in b, opus 104" van Dvorák ten gehore brengen.
Antonín Dvorák (Nelahozeves, 1841 - Praag, 1 mei 1904) was een Tsjechisch componist, muziekpedagoog, dirigent en (alt-)violist.
Dvorák wordt - met Bedrich Smetana en Leos Janácek als goede tweede en derde - beschouwd als de grootste componist, die zijn land heeft voortgebracht. Met het veelzijdig werk van Dvorák vond de Tsjechische muziekwereld zijn onmiskenbare nationale identiteit. Wat Bedrich Smetana met de nationale verhalen en folkloristische tintjes in zijn opera's en met zijn cyclus Mijn vaderland begonnen was, werd door Dvorák tot een indrukwekkend hoogtepunt gebracht. Door ideologische stromingen liet hij zich niet beïnvloeden; hij ging zijn eigen weg en bracht zelfs voor een Richard Wagner alsook voor Johannes Brahms grote bewondering op.
Vaderlandsliefde, grote verbondenheid met de natuur, een diepe religiositeit, maar eveneens uitbundige levensvreugde komt in het werk van deze bescheiden mens tot uitdrukking, die met groot geduld een lange weg van mislukking volhield, tot door de voorspraak van Brahms zijn Slavische dansen gepubliceerd werden en hij in de grote muziekwereld bekend werd. Hij heeft, rijk aan ideeën, immer fascinerende muziek geschreven.
Antonín Dvorák overleed in Praag op 62-jarige leeftijd.
Na de pauze zal de "4de Symphonie in f, op. 36" van Pjotr Iljitsj Tsjaikovski worden uitgevoerd door het Residentie Orkest.
Pjotr Iljitsj Tsjaikovski (Votkinsk, 1840 - Sint-Petersburg, 1893) was een Russisch componist, wiens muziek door landgenoten uit zijn tijd, als (te) westers werd bestempeld.
Tsjaikovski was eerst ambtenaar, ging muziek studeren aan het conservatorium te Sint-Petersburg en werd toen leraar aan datzelfde conservatorium. Een rijke bewonderaarster, gravin Nadesjda Filaretovna von Meck, bood hem in 1877 de mogelijkheid zijn leven geheel aan het componeren te wijden. Jarenlang onderhielden zij een innige briefwisseling, maar Tsjaikovski heeft haar echter nooit willen ontmoeten (mogelijk een gevolg van zijn gynefobie). In 1890 zette de gravin haar financiële steun om onduidelijke redenen stop. Een bekende theorie is dat zij zich niet kon verenigen met zijn seksuele geaardheid.
Tsjaikovski reisde veel, werd overal geëerd, maar was een eenzelvig en eenzaam mens. Hij overleed op 53-jarige leeftijd aan cholera. Er wordt echter steeds weer aan deze doodsoorzaak getwijfeld. Het gerucht dat hij zelfmoord gepleegd zou hebben door vergiftiging, is erg hardnekkig. Zijn broer Modest, die een biografie over hem uitbracht en zelf homoseksueel was, zou hebben getracht dit geheim bewaard te houden. Dat is echter onwaarschijnlijk, omdat Modest vrij openlijk homoseksueel was en homoseksualiteit rond 1900 lang niet zo'n groot probleem was als in de Stalinistische tijd, toen deze theorie gedebiteerd werd.
Naast 6 symfonieën schreef hij o.a. symfonische gedichten, opera's, pianowerken en werken voor viool. Vooral zijn eerste pianoconcert, zijn vioolconcert, zijn laatste drie symfonieën, zijn balletmuziek en zijn bombastische Ouverture 1812 worden vaak uitgevoerd. Tsjaikovski slaagde erin om invloeden uit de Westeuropese klassieke muziek succesvol te verbinden met de Russische muziek. Zijn muzikale voorkeur ging uit naar Mozart en Mendelssohn. Zijn werken zijn ook geliefd vanwege de zeer welluidende orkestratie. Tsjaikovski verwerkte in een aantal composities op bijzondere wijze de wals, niet alleen in zijn balletten, maar ook in zijn symfonieën.*
* (geraadpleegde en overgenomen bronnen over de componisten uit Wikipedia)
Jonas Alber

Jonas Alber werd in 1969 in Offenburg geboren. Hij studeerde viool en dirigeren in Freiburg en ging daarna naar Wenen, waar hij aan de hogeschool voor Muziek en Toneel zijn studie tot dirigent afsloot. De Herbert von Karajan-Stichting nam hem in 1995 als stagiair aan. In 1997 werd Jonas Alber als eerste Kapelmeester aan het Staatstheater Braunschweig aangetrokken en een jaar later volgde een promotie tot Algemeen muziek directeur. Op dat moment was hij Duitsland jongste dirigent in zo'n functie.
Als chefdirigent van het Staatsorkest Braunschweig dirigeerde Jonas Alber bijna het hele symphonische repertoire en breidde het abonnementen programma uit met vele premières.
Als gastdirigent leidde Jonas Alber gerenommeerde orkesten, zoals het Symphonie orkest van de Beierse omroep, het WDR Symphonieorkest Keulen, het MDR Symphonie orkest van Leipzig, het Dresner Philharmoniker, het Vlaamse Radio Symphonie orkest, het Nationale orkest van België, het Symphonie orkest van IJsland, het Philharmonisch orkest van Gran Canaria; hij dirigeerde concerten van het Nederlands-Oostenrijks Tonkünstlerorchesters van Wenen, het Hamburgs Symphonisch Orkest, het Bochumer Symphonie orkest en vele andere.
In 2006 debuteerde Jonas Alber bij het Residentie Orkest Den Haag in het Concertgebouw te Amsterdam met Richard Strauss "Alpensinfone" en bij het City of Birmingham Symphony Orchestra in de Birmingham Symphony Hall.
Alber heeft talrijke cd's op zijn naam staan met bijna het hele symphonische verzamelwerk van o.a. Robert Schuman, het symphonische werk van Mendelssohn, Richard Strauss, Sibelius en van vele andere componisten. In 2004 en 2005 verschenen nieuwe CDs met werken van Johannes Brahms en César Franck en Gustav Mahlers 3. Symphonie. In 2006 verscheen Gustav Mahlers 2. Sinfonie en in 2007 de Alpensinfonie van Richard Strauss. Voor de Radio produceerde hij met de WDR Sinfonieorchester Köln werk van Respighi, Saint-Saëns en Ravel, met de door het MDR-Sinfonieorchester Leipzig uitgezochte Ouverturen van Beethoven.
Het zwaartepunt van Jonas Albers werk in de opera is zowel het klassiek-romantische repertoire van Mozart tot Puccini en Richard Strauss, als de gevierde Braunschweiger Produktion van Wagners Ring des Nibelungen, als de voor het eerst uitgevoerde producties in Braunschweig, b.v. Brittens Peter Grimes, Zemlinskys Zwerg, Korngolds Tote Stadt, Ullmanns Kaiser von Atlantis, Max von Schillings' Mona Lisa oder Janáceks Vec Makropulos.
Als gastdirigent van de Opera Frankfurt leidde JONAS ALBER de tot "Entdeckung des Jahres" gekozen Productie van Franz Schrekers Der Schatzgräber, evenals de opnamen van Brittens Peter Grimes. Met Glucks Iphigenie in Aulis begon er een samenwerking met het Kammeroper Schloß Rheinsberg, die hij met Bellinis Norma en Verdis Nabucco continueerde. Zijn debuut bij de Duitse Oper Berlin was met Orffs Carmina burana en aan de Wiener Volksoper met Franz Schmidts Notre Dame. Zijn volgende producties bevatten d' Alberts Tiefland en Webers Freischütz. In maart 2007 dirigeerde JONAS ALBER de wereldpremière van Benoît Merniers opera Frühlings Erwachen aan het Théâtre Royal de la Monnaie in Brussel, in april 2007 de wereldpremière van Siegfried Matthus' opera Cosima aan het Staatstheater Braunschweig.
Sol Gabetta, celliste

Sol Gabetta werd in 1981 in Cordoba, Argentinië geboren.
Zij won onder meer de Natalia Gutman-prijs in het Tsjaikovski-concours te Moskou en kreeg in 2004 de prestigieuze Credit Suisse Young Artist Award, waardoor ze onder meer kon concerteren met de Wiener Philharmoniker onder leiding van Gergiev. Ze studeerde achtereenvolgens in Madrid (Escuela Superior de Musica Reina Sofia), Basel (bij Ivan Monighetti) en in Berlijn (bij David Geringas) en participeerde meermaals aan Gidon Kremers festival Les Muséiques te Basel. Sol Gabetta bespeelt een zeer zeldzame en kostbare cello van G.B. Guadagnini gebouwd in 1759, ter beschikking gesteld door Hans K. Rahn.
"...Gabetta ontlokte, uiterst geconcentreerd spelend, beurtelings prachtig warme en prachtig schrijnende klanken aan haar instrument. Aan het slot laat ze de cello zelfs fluisteren. Ook de orkestrale passages, rijk aan melodische inspiratie maar soms van een onvoorstelbare heftigheid, waren adembenemend.[...]
Kaarten zijn in de voorverkoop verkrijgbaar bij de VVV's Apeldoorn, Deventer, Zutphen, Zwolle, Raalte, Olst, Wijhe, Rijssen en Wierden. Tevens kunt u bij KCO Zwolle (tel. nr.: 038 4225030) kaarten bestellen na overmaking van het juiste totaalbedrag op bankrekeningnummer: 45.96.61.043 (ABN/AMRO) t.n.v. Stichting Kunst & Cultuur Overijssel, te Zwolle o.v.v. "De Haere Slotgrachtconcert 2007" worden kaarten binnen twee weken aan u toegezonden.
Sponsoren van het evenement zijn: Friesland Bank, Solvay, SV Infragroep, Brand Urtyp Pilsner, DBV Verzekeringen, Nysingh Advocaten & Notarissen, Mailit, Trifinance, Buys & Partners, Pouw, Bouwfonds en de Stentor. Verder wordt het initiatief ondersteund door de Provincie Overijssel, de gemeente Olst - Wijhe, Kunst & Cultuur Overijssel.
|